Ontmoeting met Isis

Ik weet het nog goed, de dag dat ik Isis ontmoette. Het was in het najaar van 1992. Ik volgde een training van een Amerikaans echtpaar, gehouden in de voormalige kloosterkerk van De Sprengk in Tilburg.Er waren ruim zestig deelnemers, uit verschillende landen. De meesten kende ik wel van vorige trainingen.
Op een avond werd de zaal half verduisterd; alleen in het midden was een plek op de grond met waxinelichtjes. De vrouw van het echtpaar was daar een kleine ceremonie aan het houden ter ere van Moeder Maria.
Het hele verhaal heb ik beschreven in het boek waar ik nu aan werk. Citaat:

“Ik voel de energie stijgen. Een diep verlangen rijst in mij op – naar wat? Dan merk ik dat ik steeds dieper ik in een tranceachtige toestand raak. Het wordt heel stil om mij heen, alle geluiden vallen weg. Wat er in het centrum van de cirkel plaatsvindt lijkt heel ver weg en heel klein. Het lijkt wel of ik er van bovenaf naar kijk, of ik zelf veel hoger zit dan de rest van de mensen. Er komt meer energie – en nóg meer. Geleidelijk aan verdwijnt de hele omgeving. Ik weet nog net waar ik ben, maar dat is ook alles. Dan is er alleen nog maar energie. Een groot wit licht komt naderbij. Het is ovaalvormig en verblindend. Recht op mij af komt het; steeds dichterbij, met een onontkoombare snelheid en het is veel groter dan mijn lichaam. Nu omhult het me; het schuift over me heen. Het is alsof mijn lichaam verdwijnt, of ik van de stoel wordt geblazen. Ik moet gaan hijgen en puffen om het teveel aan energie weg te blazen, want mijn lijf kan het bijna niet aan. Dan voel ik dat er woorden door me heen komen. Maar ik durf ze niet zomaar hardop te zeggen in die stille zaal. Ik weet: het is niet mijn beurt om te spreken. Maar de kracht is zó sterk; ik móet mijzelf openen! Dan kan ik het niet meer tegenhouden; mijn lichaam begint te trillen en ik geef me over. En daar donderen de woorden door de zaal: ” Ik ben Isis. Ik ben de Schepperes van de wereld. Ik ben de Moeder van de Goden!”

Het enige wat ik me er nog helder van herinner is dat beeld, waarin ik van bovenaf, alsof ik aan het plafond hang, neerkijk op die zaal. Ik moet wel uit mijn lichaam zijn geweest, anders kan ik het niet verklaren. Van de rest van de woorden van Isis herinnerde ik mij niets. Daarna, toen ik weer gewoon in mijn stoel zat, was ik volkomen verbluft en in shock. Dat was geen ontmoeting; dat was een encounter!
Daarna is Zij, mijn Vrouwe, nooit meer weggeweest. Dat zei Ze ook altijd:“Ik ben Isis en ik ben nooit weggeweest!”Maar deze uitspraak sloeg vooral op het verleden. Want in oude tijden was Isis duizenden jaren de Grote Moeder, en daarna, toen het Christendom in zwang raakte, leek Ze ineens weg te zijn. Poef, verdwenen! Niet dus. Ze is nooit weggeweest, maar heeft ondergronds-in-ons voortgeleefd.
In mijn leven was Ze er altijd, begrijp ik nu. Ook in tijden dat ik niet aan Haar dacht. Door mijn persoonlijke geschiedenis heen loopt een rode draad van verlatingsangst, die ergens in mijn jeugd ontstond. Ook als volwassene ben ik dan ook vaak in de steek gelaten, door mannen en vooral door vrouwen. Uiteindelijk is dat een grote zegen geweest. Het heeft me ertoe gebracht mijn schaduwkanten te onderzoeken en de trauma’s van mijn kindertijd te helpen genezen. En toen de allerlaatste in-de-steek-lating zich voordeed en ik tot de conclusie kwam dat het nu wel genoeg was, zag ik Haar staan, wachtend, Haar hand naar me uitgestoken. En Ze sprak dezelfde woorden als vroeger:”IK ben je Ware Geliefde”. Deze keer geloofde ik Haar. Ik pakte Haar hand en samen gingen we verder.
Ja, dit is een liefdesgeschiedenis.

1 Comment

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *